Nieuws

Hoe kunnen bosbeheerders omgaan met spiritualiteit?

article_published_on_label
16 april 2024

Yoga in de bossen of forest bathing? Nederlandse bossen zijn steeds vaker het decor voor spirituele activiteiten. Bosbeheerders moeten daardoor in hun terreinbeheer aan deze spirituele vragen tegemoetkomen. Kennis over hoe ze daarmee omgaan en wat ze in dit opzicht nodig hebben, is echter schaars. Catharina de Pater onderzocht hoe bosspiritualiteit is verankerd in het bosbeheer, en wat de implicaties zijn voor de planning en de praktijk van het bosbeheer. Catharina promoveert vandaag, één dag voor haar 71ste verjaardag, aan Wageningen University & Research (WUR).

Wat heb je zelf met spiritualiteit?

Catharina: ‘Van oorsprong ben ik tropische bosbouwer. Als zodanig heb ik in de loop der jaren in veel verschillende landen gewerkt, waar spiritualiteit meer aan de oppervlakte komt dan in Nederland. Bijvoorbeeld in Nepal waar ik een inburgeringscursus moest volgen om te leren hoe je je moet gedragen. En in Pakistan is religie overal aanwezig, een gespreksonderwerp bij de thee. Dat waren triggers die me op het idee brachten om verder te kijken. In Nederland was op dat moment geen opleiding religie en natuur, dus ik begon in Nijmegen aan een master interreligieuze spiritualiteit.’

Wat is spiritualiteit eigenlijk?

‘Spiritualiteit is heel lastig te definiëren omdat het bij verschillende mensen verschillende associaties oproept. De vraag is dan: Hoe baken je dat voor je onderzoek af?

Ik heb een benadering opgesteld waarbij ik tools gebruik die aansluiten bij de zeven dimensies van religie die de Schotse wetenschapper Ninian Smart opstelde. Hij vroeg zich af: Wat is nou religie? Om dat te bepalen benoemde hij verschillende dimensies waarmee je een religie kan duiden. Dat zijn bijvoorbeeld de materiële dimensie zoals tempels of religieuze kunst, of de ethische dimensie waar het gaat over het goed of kwaad.

Ik heb zijn dimensies toegepast op bosspiritualiteit. Veel van Smarts’ dimensies waren bruikbaar, bijvoorbeeld die van rituelen en verhalen. Binnen de bosspiritualiteit kwam ik erachter dat de ervaringsdimensie uitgebreider is. Die heb ik daarom onderverdeeld in subdimensies. Ervaring van het sublieme bijvoorbeeld, dat gaat over de wildernis die je soms ook eng vindt. Maar mensen hebben ook ervaring met verbinding, bijvoorbeeld als ze oog in oog staan met een dier. De ervaring van heling, die wordt vaak door natuurcoaches gebruikt. Al die ervaringsdimensies zijn erg bepalend.’

In hoeverre zijn die spirituele waarden doorgedrongen naar Nederland?

‘In de praktijk zien we in Nederland een toename van mensen die spiritueel met bos bezig zijn. De rapportages ‘God in Nederland’ vermeldden een toename van de niet-georganiseerde spiritualiteit in de laatste decennia, hoewel dat is afgevlakt in hun laatste rapport in 2016

Veel mensen zoeken de natuur op om spirituele ervaringen te hebben. Ook bosbeheerders zien een toename van spirituele activiteiten in het bos, zoals yoga of forest bathing (langzaam en met aandacht lopen door het bos).’

Je deed onderzoek naar de bosbeheerplannen in Nederland. Vertel daar eens over.

‘Bosbeheerplannen zijn in de eerste plaats gericht op de ecologie, maar in Nederland nemen ook cultuurhistorie en natuurbeleving een belangrijke plaats in. In ons land is de recreatiedruk erg hoog, met bijna 18 miljoen inwoners en slechts 11 procent van het land onder bos. We hebben veel meer last van al die druk dan in de meeste andere landen.’

Hoe kunnen beheerders omgaan met die recreatiedruk en toch de rust bieden die nodig is voor spirituele activiteiten?

‘Niet iedereen die bos bezoekt, doet dat vanuit spirituele motieven. In veel plannen staan recreatie en natuurbeleving centraal, maar dat is lang niet allemaal spiritueel. Alleen als een plan het heeft over natuurbeleving die leidt tot verwondering en fascinatie, dan kun je zeggen dat dat binnen de spiritualiteit valt.

‘Masterstudenten en ikzelf hebben bosbeheerders hierover geïnterviewd. Bosbeheerders kunnen inzetten op handhaven van rust in hun gebied, of de parkeerplaatsen verder van het bos aanleggen. Of zichtlijnen creëren, en grillige bomen laten staan.’

Wat vertelden die bosbeheerders je?

‘Bosbeheerders, vooral van grote openbare terreinen, kijken in eerste instantie niet naar spiritualiteit. Maar ze zien wel steeds vaker spirituele activiteiten in hun bos en daardoor realiseren ze zich ook het belang ervan.

Waar ze last van hebben is dat bezoekers voor hun spirituele praktijken dingen doen die riskant zijn voor het bos, bijvoorbeeld buiten de paden gaan en dieren verstoren, voorwerpen achterlaten die niet in het bos thuishoren, of zelfs rituele vuurtjes maken op de droge hei! Ook zien ze natuurcoaches verschijnen die geld verdienen aan hun activiteiten, en dan willen ze daarvan ook wat terugzien voor het onderhoud van het bos.

Aan de andere kant hebben bosbeheerders zelf ook soms spirituele gevoelens, bijvoorbeeld voor de bomen die ze moeten markeren voor kap. De meesten zien bomen min of meer als levende wezens. En het bos als een levend organisme, ze hebben er iets mee. Hier speelt de relationele evaringsdimensie een rol’.

Wat zegt jouw onderzoek over onze relatie met de natuur?

‘Mijn onderzoek raakt aan discussies over hoe wij onszelf zien, over onze ‘worldviews’: ‘master’, rentmeester, partner, of participant. Die zienswijzen zijn de afgelopen jaren steeds meer verschoven van ‘master’ naar ‘partner’ en ‘participant’. Ik ben blij met die trend. De natuur is voor de meesten geen dode materie meer waar we naar believen gebruik van kunnen maken; het besef groeit dat we deel zijn van het ecologische geheel. Ik zie dan ook steeds meer raakvlakken met het werk van Inheemse filosofen die de ‘participant’-relatie met de natuur vanuit de Inheemse spirituele tradities uitwerken voor onze postmoderne tijd.’